Dutch Word: uit
English Meaning: 1. from 2. out 3. off
Listen to Word:

Play Sound

Example Sentences:

Een appel per dag houdt de dokter uit huis.
An apple a day keeps the doctor away.
[Show Details]
Ik sluit deze mogelijkheid niet uit.
I don't rule out this possibility.
[Show Details]
Ik heb een film gezien over vreemde wezens uit de ruimte.
I've seen a film about strange creatures from outer space.
[Show Details]
In de Middeleeuwen geloofde men dat de wereld bestond uit vier elementen: aarde, water, lucht en vuur.
In the Middle Ages it was believed that the world consists of four elements: earth, water, air and fire.
[Show Details]
Het menu van leeuwen bestaat uit antilopen, gazelles, gnoes, zebra's en onvoorzichtige toeristen.
The diet of lions consists of antilopes, gazelles, gnus, zebras and careless tourists.
[Show Details]
Denk je dat alles uit de bijbel waar is?
Do you think everything in the Bible is true?
[Show Details]
Dit is een passage uit mijn favoriete boek.
This is an extract from my favourite book.
[Show Details]