Dutch Word: de ouders
English Meaning: parents
Listen to Word:

Play Sound

Example Sentences:

Hij doet wat hij wil ongeacht wat zijn ouders zeggen.
He does what he wants regardless of what his parents say.
[Show Details]
Behandel je ouders met respect!
Treat your parents with respect!
[Show Details]
Zijn ouders en ex-vrouw waren op de bruiloft.
His parents were at the wedding as well as his ex-wife.
[Show Details]
Mijn ouders zullen razend zijn als ik zo laat thuiskom.
My parents will be furious, if I come home so late.
[Show Details]
Ik haat het als mijn ouders ruzie maken.
I hate to see my parents argue.
[Show Details]
Zijn ouders zijn in 1985 gescheiden.
In 1985, his parents divorced.
[Show Details]
Zijn ouders scheidden toen hij een kind was.
His parents divorced when he was a child.
[Show Details]